AI in de praktijk brengen is geen eenvoudige opgave

Onlangs hebben universiteiten, TNO, de overheid en verschillende bedrijven de AI-coalitie gestart. Deze coalitie wil een gezamenlijke aanpak creëren om Nederland op internationaal vlak koploper te maken op het gebied van artificial intelligence (AI). De coalitie wil talent aantrekken, samenwerkingsverbanden opzetten en de ontwikkeling van nieuwe AI-toepassingen stimuleren.

Naar mijn mening is dit initiatief niet alleen cruciaal voor de AI-markt, maar ook voor de gehele economie en maatschappij. Als Nederland niet mee blijft doen op internationaal vlak op het gebied van kunstmatige intelligentie is de kans groot dat onze economie achterstand oploopt. Volgens een studie van McKinsey & Company zal tegen 2030 maar liefst 70% van de bedrijven wereldwijd beschikken over ten minste één vorm van kunstmatige intelligentie. In het onderzoek wordt gesteld dat AI het komende decennium de wereldeconomie jaarlijks met 1,2% extra kan laten groeien. Dit is een enorme kans waar we als land op moeten inspringen. Echter loopt Nederland en Europa achter als het gaat om private investeringen op het gebied van AI. In 2016 werd er in Europa tussen de 2,4 en 3,2 miljard aan AI uitgegeven, tegenover een bedrag tussen de 6,5 en 9,7 miljard in Azië en maximaal 18,6 miljard in Noord-Amerika.

Daarnaast zijn er genoeg andere uitdagingen die we moeten overwinnen ten opzichte van China en de Verenigde Staten. Eén van de problemen waar we binnen Nederland en Europa mee worstelen is de brede maatschappelijke discussie over de gevolgen van kunstmatige intelligentie. Er zijn AI-optimisten en AI-pessimisten. Sommige mensen zien kunstmatige intelligentie als het begin van een technologische revolutie, waarbij grote wereldproblemen verleden tijd zijn. Andere zien het juist als een ontwikkeling waarmee het einde van de menselijke beschaving wordt ingeluid. In andere werelddelen, zoals China en de Verenigde Staten, zijn mensen veel meer gewend aan het feit dat er data wordt verzameld. Hierdoor kunnen ze veel sneller nieuwe AI-projecten in de praktijk brengen en een voorsprong opbouwen ten opzichte van Europese bedrijven. Hoewel Europa en Nederland achter liggen zou dit ook een kans kunnen zijn. Wij zouden bijvoorbeeld voorop kunnen lopen door AI en democratische waarden te combineren.

Om mee te doen met de AI-race, is het belangrijk dat we onze ideeën goed in de praktijk proberen te brengen. Dit betekent niet dat we onze regels omtrent privacy moeten afzwakken, maar wel dat we veel meer kunnen doen aan educatie. De AI-coalitie kan hier een bijdrage aan leveren. Het is noodzakelijk dat organisaties weten wat de realistische mogelijkheden zijn met AI. Op deze manier kunnen ze data op een praktische manier toepassen. Om ervoor te zorgen dat de data ook daadwerkelijk bruikbaar is, zullen alle databronnen binnen het bedrijf zo goed mogelijk gekanaliseerd en gecombineerd moeten worden. Met name de combinatie van de vele datastromen bieden een schat aan informatie. Daarentegen is het van belang dat mensen weten wat er met hun data gebeurt en op de hoogte zijn van zowel de positieve als negatieve impact die kunstmatige intelligentie kan bewerkstelligen. Hierdoor zal het onrealistische beeld over AI verminderen en kunnen we sneller werken aan praktische initiatieven om de concurrentie met andere regio’s aan te gaan.

Een ander belangrijke rol die de AI-coalitie op zich kan nemen, is het opzetten nieuwe Europese initiatieven. Om mee te doen in de wereldwijde AI-race is het voor de nationale aanpak van belang aangesloten te zijn bij de Europese agenda. Als Europa hebben we de benodigde schaal en mondiale slagkracht, waardoor we op Europees niveau de koers van de technologie kunnen bepalen. Samen kunnen we de voorsprong pakken door AI-innovatie te combineren met democratische waarden en ethiek op een manier zoals andere regio’s dat wellicht niet zullen doen. Bovendien stimuleert een open gezamenlijke Europese strategie de ontwikkeling van onderzoek en innovatie, wat kan zorgen voor nieuwe economische impulsen binnen de regio. Europese samenwerkingen kunnen AI-bedrijven bovendien ook helpen met financiering. Met name voor de vele Europese AI-startups is het cruciaal dat ze kunnen opschalen. Als dit niet gebeurt is de kans groot dat zij de EU zullen verlaten. Betere toegang tot financiering binnen de EU vermindert dit risico en zorgt ervoor dat bedrijven in de EU sneller kunnen doorgroeien.

Dit zijn slechts enkele redenen waarom de AI-coalitie zo belangrijk is. Europa is op dit moment in staat om deze uitdagingen op een unieke manier op te lossen, mits we nu aan de slag gaan. Het is daarom belangrijk dat we doorgaan met het bouwen van een levendig Europees ecosysteem van bedrijven die het gebruik van AI-technologie bevorderen. De nieuwe AI-coalitie kan hier een belangrijke bijdrage in leveren door mensen en organisaties voor te lichten over kunstmatige intelligentie. Daarnaast moet er verder worden geïnvesteerd in talent. Door getalenteerd en geschoold personeel te zoeken en deze op te leiden, door middel van specialistisch AI-onderwijs en bijscholing, kunnen we de AI-markt verder opschalen. Een praktijkgerichte aanpak is hierbij cruciaal, door gewoon dingen te proberen en fouten te maken worden organisaties veel innovatiever en kunnen ze zich beter aanpassen aan veranderende omstandigheden. Tenslotte hebben we in Nederland en Europa de middelen en kennis. Samen zullen we in staat zijn om AI zo snel mogelijk in de praktijk te brengen, maar dat is geen eenvoudige opgave!

Dit is een ingezonden bijdrage van Jasper Wognum, CEO van BrainCreators. Via deze link vind je meer informatie over de mogelijkheden van het bedrijf.


read original article at http://www.bing.com/news/apiclick.aspx?ref=FexRss&aid=&tid=3658BA5C85A04EC9BADC91A9537C1DAB&url=https%3a%2f%2fwww.techzine.nl%2fblogs%2f426806%2fai-in-de-praktijk-brengen-is-geen-eenvoudige-opgave.html&c=15888368947531207576&mkt=nl-nl